Berichten Tagged 'java'

Leeslijst Bali (en Java)

Van bibliothecarissen wordt altijd gedacht dat ze heel veel boeken lezen en er daarom zoveel over weten. Dat is een groot misverstand. Een goede bibliothecaris analyseert de vraag, zoekt snel en efficiënt en gidst zo de klant (“gebruiker” in vakjargon) naar de gewenste informatie. Ik kan het weten, want ik zit zelf in het bibliotheekvak. En als ik twee romans per jaar las dan was het veel.

Nu, zo kort na Indonesië, is het wel anders en lees ik soms vier boeken tegelijk. Ik zie het maar als posttraumatische verwerking (waarbij ik met het trauma de terugkeer in Nederland bedoel). Onderstaande lijst is een geheugensteuntje voor mezelf en betekent misschien ook nog iets voor mijn toevallige lezer.

The art and culture of Bali / Urs Ramseyer. – Basel: Museum der Kulturen, cop. 2002. – ISBN 3796518869
Een standaardwerk waarvan ik alleen de vele prachtige illustraties nauwlettend heb bestudeerd. De teksten vond ik iets te droog-wetenschappelijk van aard.

Bali, een gecreëerd paradijs / Adrian Vickers. – Nieuwegein: Signature, 1997. – ISBN 9056720031
Diepgravend boek over de beeldvorming over Bali door de eeuwen heen en de wording van de Balinese cultuur. Geeft geen pasklaar antwoord op wat het ware Bali is.

Balinees Hindoeïsme : de godsdienst op het eiland Bali in Indonesië / Freek L. Bakker. – Kampen: Kok, 2001. – ISBN 9043504343
Een serieus en compact boekje over deze eilandreligie, geschikt als inleiding op dit onderwerp. Bevat bruikbare literatuurverwijzingen en een verklarende woordenlijst.

Indonesië : archipel op drift / Wilma Kieskamp e.a. – Amsterdam: Muntinga, 2000
Bundeling van artikelen uit Trouw over de recente politieke geschiedenis. Leest als het dagelijks nieuws in de krant, dus je wordt er niet vrolijk van.

Offerings: the ritual art of Bali / written by Francine Brinkgreve ;  photographed by David Stuart-Fox. – Singapore: Select books, cop. 1992. – ISBN 9810032625
Fraai fotoboek over de kunst van de vele soorten offers op Bali. De begeleidende tekst verheldert iets over de cultuurhistorische achtergronden. 

Tales from a charmed life: a Balinese painter reminisces / Hildred Geertz and Ida Bagus Madé Togog. – Honolulu: University of Hawaii Press, cop. 2005. – ISBN 0824828224
Vanuit de herinneringen van Togog over zijn jeugd, familiezaken, het uitvoeren van rituelen en het maken van schilderijen kom je veel te weten over hoe het dagelijks leven op Bali er aan toe kon gaan in het eerste driekwart van de 20e eeuw. Bevat o.a. een bibliografie en een beperkte woordenlijst van de Balinese taal.

Opera Jawa

Het verband tussen Mozart en een moderne Indonesische speelfilm ligt niet zo voor de hand. Ter gelegenheid van het Mozart-jaar 2006 kreeg operaregisseur Peter Sellars de taak om opdrachten uit te schrijven voor nieuw werk van kunstenaars uit verschillende disciplines. De Indonesische regisseur Garin Nugroho baseerde zich in het kader van die opdracht op het thema van de dodenceremonie uit Mozart’s Requiem.

In Opera Jawa (2007), zijn opera-achtige verfilming van het aloude Ramayana-verhaal, geeft hij een moderne draai aan de driehoek tussen Prins Rama, zijn vrouw Sinta en de demon Rahwana. Siti (Sinta) is een zelfstandige vrouw die haar eigen gevoelens onderzoekt. Ze komt in verleiding door de toenaderingen van de handelaar Ludiro (Rahwana), maar geeft zich niet aan hem. Door het wantrouwen van haar man Setyo (Rama) verkilt de relatie toch en kiest Setyo uiteindelijk voor de alles verwoestende wraak.

De film ziet er oogverblindend uit en heeft inderdaad de traagheid van een uitgesponnen opera. In het oorspronkelijke Ramayana-verhaal bewijst Sinta door een vuurproef haar liefde en trouw aan Rama. Dat regisseur Nugroho afwijkt van dit gegeven heeft al hevig protest uitgelokt onder sommige hindoes in Indonesië. Siti is niet ontrouw, maar valt desondanks ten prooi aan de jaloezie van haar man. Nugroho (zelf moslim) heeft waarschijnlijk niet bewust willen provoceren, maar verbeeldt hier de geweldplegingen uit het recente verleden en de uitbuiting van de aarde, waarvan Sinta het zinnebeeld is.

Jakarta (1)

Brommertjes in het straatbeeld van Jakarta

Van de aankomst in Jakarta herinner ik me vooral dat ik moe was. Tijdens de korte vlucht vanaf Singapore hadden we Rika al leren kennen, een Indo met een Fries accent. Ze zat rechts van mij en vertelde dat ze misselijk werd van de geur van de warme maaltijden die werden uitgeserveerd.

Bij de uitgang op de luchthaven ontmoetten we de andere reisgenoten en onze gids Gede, een donkere jongeman met kort kroeshaar. Dat we een inlandse gids zouden krijgen was pas laat tot mij doorgedrongen. Ik bevond me nog volop in de hectiek van de vliegreis, de koffers, de paspoortcontrole en de douane. Door de luchtdrukwisseling zaten mijn oren dicht en klonk alles gedempt en ver weg.

Een blinkende touringcar stond buiten op ons te wachten. De bagage werd voor ons ingeladen en we zochten een plekje in de bus. Dat was niet zo moeilijk aangezien er plaats was voor 50 en we met 14 waren. De overgang van klamme warmte naar volop draaiende airco was groot. Ik ritste mijn vest tot boven toe dicht.

Gede begon aan zijn eerste praatje door de microfoon. Zijn stem zouden we de komende weken nog goed leren kennen: nasaal en scherp soms, dan weer diep of bijna fluisterend. Hij sprak zijn Nederlandse zinnen bedachtzaam uit met een eenvoudige, soms manke zinsbouw. In zijn Indonesische tongval verdwenen sommige medeklinkers, zoals de d in “kind” en de t in “postweg”. Maar zijn woordenschat was groot en tijdens de reis zouden ons nog hele politieke geschiedenissen, traditionele verhalen en botanische wetenswaardigheden voorgeschoteld worden.

Zo vermoeid, vies en uitgedroogd als ik me voelde na een vliegreis van 22 uur, was een lange rondrit door het drukke verkeer van Jakarta niet echt aan mij besteed. Ik was dan ook blij toen ik in het Mercure Rekso de kamerdeur achter me dicht kon trekken en languit kon gaan op ons grote hotelbed. Alle indrukken zouden nog uren doordraaien in mijn hoofd.

Proloog (2)

We hadden alles zelf geregeld: de uitnodigingen voor een select gezelschap van vrienden en familie, het diner na de plechtigheid in het gemeentehuis, de bruidstaart en de Kempische volksmuziek. 7 Juli 2006: ik herinner me dat ik direct in de “geniet-stand” ging vanaf het moment dat Peter en ik tegenover de gemeente-ambtenaar zaten. Ik vond het heerlijk om iedereen bij elkaar te hebben, om onze liefde uit te mogen spreken.

Enkel maanden later volgde een “post-marriage crisis” en zaten we als twee gekwetste zielen tegenover een relatietherapeut. De aanleiding was de zoektocht naar een ander, groter huis, dat al onze onzekerheden en tegenstrijdige belangen op scherp zette. Ook had Peter het Handboek Spiegelogie ontdekt, ik noemde dat smalend het rode boekje van de Ridder. Het kwam er op neer dat als je iets echt wilt (een groter huis) dat je dan moet zeggen: “ik héb een groter huis” en dan komt het vanzelf op je pad. Hij ging een paar keer naar een huiskamerbijeenkomst, een zogenaamde fanclubavond, waar mensen elkaar volgens een vast patroon moed inspreken.

We krabbelden overeind, stelden de verhuisplannen voor onbepaalde tijd uit. In plaats daarvan besloten we om samen de keuken te gaan verbouwen. Het lukte ons om zelf de oude keuken te slopen, de wanden te betegelen en de nieuwe kasten te plaatsen. Samen werken konden we dus toch, ook in onzekere situaties.

Daarna hadden we er eigenlijk wel genoeg van: van het verbouwingsgedoe, drukte op het werk, een zomer die maar niet wilde zomeren en een hele reeks van stervende vaders. Peter’s vader was als eerste in de rij overleden. Van de erfenis boekte Peter een reis voor twee naar Mexico.

Rampspoed (of toeval) komt nooit alleen: in de week dat onze auto het definitief begaf werd ook de reis naar Mexico afgelast wegens gebrek aan deelnemers. Aan het eind van die week hadden we een gloednieuwe tweedehands voor de deur staan en een andere reisbestemming: Java en Bali.

Proloog (1)

Soms begint er een reis om nooit meer op te houden. De reis uit de brochure is heel anders dan degene die ik heb beleefd.

Mijn verhaal laat zich niet goed lineair vertellen. Bij het ontstaan, zo’n 4 weken geleden, was het al direct vol associaties: een dieper begrip, herinneringen, voorgevoelens en angsten. De reis van 18 dagen door Java en Bali kon ik met recht opwindend noemen. Maar terug in het zoveel koudere Nederland leek het wel alsof mijn verhaal bij elke vertelling iets van zijn magie kwijt raakte.

Soms lukte het me, als ik een klein deel met al zijn facetten kon verwoorden. De emotie borrelde dan even op, met een warm gevoel in mijn buik en tranen achter mijn ogen. Steevast had ik dan iemand tegenover me die iets herkende van wat er met mij aan de hand is. Steevast was ik zelf degene die het weer wegstopte, uit ongemak om me zo te vertonen.

Een zijsprong: toen ik 5 jaar geleden na een onveilige scheiding mijn eigen huis kocht had ik een duidelijk beeld van hoe de veilige slaapkamer er uit moest gaan zien. Het bed symmetrisch opgesteld, met wit en weelderig beddegoed en rondom natureltinten op de wanden, in de gordijnen en in  de vloerbedekking. De wand aan het hoofdeinde schilderde ik oranje.

De woorden die ik op de oranje muur had willen schilderen, als een mantra voor het dagelijks leven, heb ik nooit écht op die muur geschilderd. Ik schrik er een beetje van als ik ze nu teruglees: natuur, liefde, rust, muziek, humor, spiritualiteit. Hoe kun je zoiets bedenken en niet weten hoe waar het voor je is?