Archief voor de categorie 'De reis'

Jakarta (1)

Brommertjes in het straatbeeld van Jakarta

Van de aankomst in Jakarta herinner ik me vooral dat ik moe was. Tijdens de korte vlucht vanaf Singapore hadden we Rika al leren kennen, een Indo met een Fries accent. Ze zat rechts van mij en vertelde dat ze misselijk werd van de geur van de warme maaltijden die werden uitgeserveerd.

Bij de uitgang op de luchthaven ontmoetten we de andere reisgenoten en onze gids Gede, een donkere jongeman met kort kroeshaar. Dat we een inlandse gids zouden krijgen was pas laat tot mij doorgedrongen. Ik bevond me nog volop in de hectiek van de vliegreis, de koffers, de paspoortcontrole en de douane. Door de luchtdrukwisseling zaten mijn oren dicht en klonk alles gedempt en ver weg.

Een blinkende touringcar stond buiten op ons te wachten. De bagage werd voor ons ingeladen en we zochten een plekje in de bus. Dat was niet zo moeilijk aangezien er plaats was voor 50 en we met 14 waren. De overgang van klamme warmte naar volop draaiende airco was groot. Ik ritste mijn vest tot boven toe dicht.

Gede begon aan zijn eerste praatje door de microfoon. Zijn stem zouden we de komende weken nog goed leren kennen: nasaal en scherp soms, dan weer diep of bijna fluisterend. Hij sprak zijn Nederlandse zinnen bedachtzaam uit met een eenvoudige, soms manke zinsbouw. In zijn Indonesische tongval verdwenen sommige medeklinkers, zoals de d in “kind” en de t in “postweg”. Maar zijn woordenschat was groot en tijdens de reis zouden ons nog hele politieke geschiedenissen, traditionele verhalen en botanische wetenswaardigheden voorgeschoteld worden.

Zo vermoeid, vies en uitgedroogd als ik me voelde na een vliegreis van 22 uur, was een lange rondrit door het drukke verkeer van Jakarta niet echt aan mij besteed. Ik was dan ook blij toen ik in het Mercure Rekso de kamerdeur achter me dicht kon trekken en languit kon gaan op ons grote hotelbed. Alle indrukken zouden nog uren doordraaien in mijn hoofd.

Rijkdom

Twee dagen voor het einde van de reis passeerde de toerbus de woonplaats van onze gids. Ik weet niet wat hem op het idee had gebracht om zijn huis te laten zien, onze ongeremde nieuwsgierigheid of de noodzaak van een contrôle: zijn huis werd namelijk van een nieuw dak voorzien. Omdat ik nog eens verse kokosnoot wilde proeven zouden we getracteerd worden op de vruchten van zijn eigen kokospalmen.

Gede was handig met geld en daarom was hij in de verbeelding van een aantal reisgenoten steeds rijker geworden. Hij had een dvd-speler, een auto, twee mobieltjes en twee bromfietsen. De combinatie van een gidsensalaris, winstdeling en fooien moest niet onverdienstelijk zijn.

De toerbus parkeerde bij een riante stenen bungalow aan de straatkant. Gede liep langszij een zanderig pad op, dat zich ver van de straat verwijderde door een bleek, strokleurig landschap. Terwijl de zon loodrecht boven onze hoofden brandde, volgde ik een paar passen achter Gede. Hij leek zelfzeker, alsof hij ons koerstte naar het volgende toeristische hoogtepunt.

Aan de linkerkant naderden we een constructie van grijze betonstenen muren. Gede begroette zijn twee kinderen en zijn vrouw. Twee of drie werklieden waren met ladders bezig om een begin te maken met het nieuwe dak. Familieleden en buurtbewoners meegerekend waren er bijna net zoveel mensen als ons veertienkoppige reisgezelschap.

De situatie was verwarrend. We groetten de werklieden, stelden ons aan de familie voor, schudden de handen van Gede’s zwager, moeder en schoonmoeder. De dochter pakte het zilveren armbandje dat we hadden gekocht verlegen uit. De zoon nam zijn nieuwe voetbal direct in gebruik. Ondertussen slachtte de zwager de kokosnoten die al op ons lagen te wachten.

Met een kokosnoot en een rietje in de hand liepen we met onze gids door de smalle, geschakelde vertrekken van zijn huis. Gede was (terecht) trots. Wij vroegen ons af hoe dit open staketsel over 3 weken bewoonbaar kon zijn.

Van het afscheid, een half uur later, herinner ik me de moeder van Gede, met een witte omslagdoek en even stralend als haar zoon. Kadek, zijn vrouw, voelde zich schijnbaar ongemakkelijk met de toestand. Mijn contact zoekende ogen ontlokte haar een glimlach.